‘Tot op de laatste dag meestrijden om promotie is mijn opdracht'

Jean-Paul van Gastel was amper aangetreden als hoofdtrainer van NAC, toen hij in de catacomben van het Rat Verlegh Stadion een wandeling maakte door het verleden. Aan de wand van het vroegere spelershome zag hij een overzichtsfoto hangen van het oude stadion aan de Beatrixstraat. Even verderop: een van een volgepakte B-Side. Waarna de geboren Bredanaar vervolgens even stilstond bij het kiekje met daarop het bekende frietkot naast de eretribune, dat voor supporters de status had van een driesterrenrestaurant. ‘Alsof ik opeens weer terug was in mijn jeugd’, zegt de in de Dijkstraat opgegroeide middenvelder van weleer. ‘De warme gevoelens uit die tijd kwamen meteen weer naar boven.’

01 januari 2024

Een fraai slot

Sinds eind september is Van Gastel coach van NAC, als opvolger van Peter Hyballa. Een periode was het van rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan. Nu, met de jaarwisseling in het verschiet, is er even tijd om terug te blikken op wat is geweest. Op wat beter kan, beter moet. En om alvast voorzichtig vooruit te kijken naar de komende maanden, waarin hij en zijn elftal gaan strijden voor een fraai slot van het seizoen. In een Keuken Kampioen Divisie, waarin de onderlinge verschillen tussen de clubs klein zijn, is tenslotte van alles mogelijk.

Stiefelen naar de Beatrixstraat

Maar de korte voetbal loze periode biedt Van Gastel eindelijk ook eens de ruimte om wat dieper stil te staan bij zijn comeback bij de club die hij als jeugdspeler al diende. Want speciaal is het, daarover laat het kind van volksbuurt Tuinzicht geen enkel misverstand bestaan.

Een gevoel dat tijdens die wandeling door het verleden van bijna drie maanden terug, ondubbelzinnig werd aangewakkerd. Daar in het Rat Verlegh Stadion zag Van Gastel weer de beelden voor zich van die jonge JP, die op zaterdagavonden eerst thuis het Duitse Sportschau keek en daarna - na als vanzelfsprekend een frietje te hebben gegeten bij friettent De Fer-naar de Beatrixstraat stiefelde om NAC 1 aan te moedigen. Van het jochie dat in de Voetbal International het adres van keeper en wijkgenoot Ton van Eenennaam opzocht om bij hem vervolgens een handtekening te vragen aan de deur. ‘En ik herinnerde me ook opeens weer dat ik later, als Willem II-speler, nog vrijwel elke thuiswedstrijd van NAC op de tribune stond’, vertelt hij. Met een stralende blik: ‘NAC liet me gewoon niet los. Nooit.’

Ook fantastisch voor de familie

Vandaar zijn opgewekte gemoed nu, ondanks de wisselvallige periode die de Parel van het Zuiden dit seizoen doormaakt. Van Gastel geniet. Van de omgang met spelers en stafleden, van de professionele faciliteiten en van de entourage in het stadion. ‘Dat ik hoofdtrainer mag zijn van deze club vind ik oprecht geweldig’, stelt de vijfvoudig international van het Nederlands Elftal, die bij Feyenoord naam maakte als vrije trappen-specialist. ‘En voor mijn familie is het al net zo fantastisch. Mijn zoon staat elke wedstrijd op Vak G, mijn broer en zijn gezin op de B-Side. Andere familieleden hebben weer plekken op andere tribunes. En voor “die ouwe” - vader John - is het uiteraard ook prachtig dat zijn zoon nu trainer is van zíjn club. Hij volgt nog steeds alles van NAC. Je snapt dus wel wat dit in me losmaakt. Samen met mijn staf zal ik er alles aan doen om de club verder te helpen.’

Bredaas DNA

“Die ouwe” wanneer het over Van Gastel senior gaat. Het “wittenie” dat uit zijn mond ontsnapt als hij een anekdote over vroeger oplepelt. En het “goeie gasten” dat hij gebruikt, wanneer hij op zijn collega’s Ton Lokhoff, John Karelse, Rogier Molhoek en Gabor Babos doelt. Een gebrek aan Bredaas DNA valt “JP” niet toe te schrijven. Passend is het bij de liefde die hij koestert voor de stad, waar hij het grootste gedeelte van zijn leven woonde en waar hij zelfs nog een poosje de eigen (prijswinnende) HAPJ Bieren brouwde met een goede vriend. “Een bourgondiër” noemt hij zichzelf. Maar ook “iemand die zich niet te snel druk maakt”. En dat straalt hij deze middag onherroepelijk uit. Hoe hectisch het werken op de vurige NAC-vulkaan ook is; Van Gastel brengen ze niet snel van zijn à propos. ‘Ik sta er heel relaxt in, ja, dat klopt’, geeft hij toe. ‘Kijk, ik weet heus wel dat het hier heel snel heel onrustig is. Zeker wanneer één of twee keer achter elkaar niet gewonnen wordt. Dat is nooit anders geweest en dat is ook de charme van deze club. NAC lééft, iedereen wil er wat van vinden. Kijk alleen al naar het stadion dat elke thuiswedstrijd nagenoeg helemaal vol zit. Dat brengt een bepaalde druk met zich mee. Maar juist daarom is het belangrijk om als hoofdtrainer koel te blijven en niet te veel in die emoties mee te gaan. En zo sta ik er dus ook in. Ondanks de hectiek ben ik in balans.’

Voetbalvaardig

En waarom ook niet? Van Gastel heeft een behoorlijke rugzak aan ervaring. Als assistent van zijn goede vriend Giovanni van Bronckhorst behaalde hij in 2017 de landstitel met Feyen- oord en later was de bij Boeimeer begonnen Bredanaar eindverantwoordelijke bij het Chi- nese Guangzhou City FC. ‘Een prachtige tijd in een prachtig land’, zegt hij over zijn periode in het verre oosten. Een avontuur dat, geeft hij toe, ‘naar meer smaakte’. Dol als Van Gastel is ‘op het ontdekken van buitenlandse culturen’ wachtte hij - vader van vijf kinderen - in de eerste maanden van dit jaar eigenlijk op een volgend aanbod uit een land waar hij bij voorkeur nog niet was geweest.

Een mooie tweede helft

‘Maar ja, toen belde NAC’, zegt hij, met een veelzeggende glimlach op zijn gezicht. ‘En als NAC belt, zeg je natuurlijk geen nee. Dan volg je onmiddellijk je hart.’ Of hij er nu, een kleine drie maanden verder, nog net zo over denkt? Prompt transformeert de aimabele Van Gastel in het vurige kanon dat hij als voetballer was. ‘Ja natuurlijk denk ik er nog net zo over’, countert hij dan, kort voordat hij en zijn familie zich opmaken voor de kerstdagen. ‘Tot op de laatste dag meestrijden om promotie was de opdracht die ik heb meegekregen. En ik ben er nog steeds van overtuigd dat we hierin kunnen slagen. Met de steun van onze aanhang kan het een mooie tweede seizoenshelft worden.'

Auteur: Dennis van Bergen Fotografie: René Schotanus

Lees verder in NAC Zaken magazine

Meer nieuws